WELKOM IN DE TERRARIUMWERELD VAN HANS EN RIA MEULBLOK

TERRARIUM-BOUW PLANTEN LEZINGEN LINKS INFO en ARTIKELEN SURINAMEREIS COSTA RICA

HOME  KIKKERS HAGEDISSEN NATUURREIZEN FOTOGALERIE TERRARIUMBOEKJE

INFORMATIE en ARTIKELEN
Een kleine greep uit mijn zeewater ervaringen
Tekst : André Jansen, ter gelegenheid van 60 jaar A.V. Xiphophorus Oss.

Foto’s: Hans Meulblok tenzij anders vermeld

Ik ben inmiddels al meer dan 25 jaar bezitter van een zeeaquarium. In mijn beginperiode was het vaak vallen en op staan omdat er in die tijd nog niet zoveel over te lezen was. Tegenwoordig is het aanbod in boeken en tijdschriften steeds groter geworden en kan men daarover veel meer leren en lezen. Ook is er bij verenigingen veel kennis aanwezig waar de beginneling heel wat informatie kan krijgen over ervaringen van andere aquarianen. Daarbij hebben we ook nog internet welk medium we niet mogen vergeten.


Een detail uit het aquarium van de heer A. Jansen tijdens de LHK in mei 2006

Opbouw met vulstenen

Wat er aan vooraf ging:

Helaas hebben wij in de voorbijgaande jaren vele generaties lang tussen de goede gaven van de zee gegrabbeld, geen rekening houdend met de nadelige gevolgen die dit voor de gezondheid van de zee zou kunnen hebben. Wij hebben de zee met ons vuil belaagd en haar voortbrengselen geoogst zonder ons te bekommeren over het evenwicht en zijn grenzen. Pas in de laatste tijd zijn we meer te weten gekomen over het ecosysteem van de zee en realiseren wij ons hoe kwetsbaar ze eigenlijk is. Inmiddels hebben we er oog voor gekregen hoe nauw de samenhang is die er voor zorgt dat al het leven overal in de zee in onze handelingen wordt betrokken.

Ruim 70% van het aardoppervlak wordt bedekt door het water van de oceanen. Dank zij de fotosynthetische activiteiten van fytoplankton, dat in de bovenste waterlagen leeft, vormen onze oceanen de bron voor bijna 80% van de zuurstofvoorraad op de wereld. Bovendien voorzien de oceanen in toenemende mate in het eiwit behoefte van de mensheid. Dus reden genoeg om zuinig te zijn op deze natuurlijke bron.

De basisvoorwaarden voor een gezond zeeaquarium:

Als we een bak opbouwen is het belangrijk ervoor te zorgen dat we voldoende schuilplaatsen inbouwen zodat de vissen kunnen schuilen. Je moet tellen op ongeveer 25 kg steen per 100 liter water om een mooi rif te bouwen. Persoonlijk zou ik 2/3 deel vulsteen gebruiken en afbouwen met 1/3 goed levend steen. Op deze manier kunt u veel geld besparen. Een goede eiwit afschuimer is zeker aan te raden en hier moet men zeker niet op besparen omdat dit een essentieel onderdeel is, wat enorm veel invloed op uw bak kan hebben.

Opistognatus aurifrons

Kweek Pseudochromis aldabrensis foto Rob Brons

Tegenwoordig worden er steeds meer kleinpoliepige soorten (zoals acropora’s en montipora’s) gehouden, met veel succes. Toch zullen wij dan aan bepaalde voorwaarden moeten voldoen. Voor deze dieren zijn calcium, jodium, strontium etc. van zeer groot belang. Willen we daarbij ook nog genieten van de prachtige kleuren van deze dieren dan zullen wij ook moeten zorgen voor voldoende licht. Dit omdat deze dieren de symbiosealgen in hun weefsel aanpassen aan de lichtomstandigheden. Krijgen zij minder licht dan zullen zij meer symbiosealgen opslaan voor hun energiebehoefte en zoals de meeste algen zijn ook de symbiosealgen bruin met als gevolg dat het onderliggende weefsel erdoor wordt overheerst. Krijgen zij meer licht dan hebben ze aan een klein beetje algen al voldoende. Het gevolg hiervan is dat het koraalweefsel veel beter zichtbaar wordt en daardoor zijn de kleuren ook veel beter zichtbaar. Aquaria met diverse soorten rifbouwende koralen verlangen van de verzorger wel een perfecte waterbeheersing. In de meeste gevallen is het dan ook aan te raden om met een koeler te werken. Dit omdat met het vele licht boven uw bak het water sneller zal opwarmen. Een te hoge watertemperatuur is funest voor het koraal. Door mijn activiteiten in de zeewaterhobby heb ik de laatste jaren diverse aquarianen gesproken die door een technische storing binnen 1 á 2 dagen hun hele koraalrif in duigen zagen vallen. Ik heb al eerder aangegeven dat licht in ons aquarium zeer belangrijk is. Daarbij zijn er ook diverse soorten koralen die minder licht nodig hebben. Zo kunnen de meeste soorten anemoonschijven (oren) in de dimzone van het aquarium liggen en het liefst in wat rustige stroming. Sponzen liggen ook graag in de schaduw maar hebben juist wel stroming nodig.

Dierkeuze:

Bij de aanschaf van vissen in ons aquarium is het raadzaam om goed na te denken welke soort wij willen. Er zijn bijvoorbeeld vele soorten doktersvissen die we met succes kunnen houden. Velen kunnen in de natuur wel 25 jaar oud worden en in een gezond aquarium ook. Mijn ervaring is dat ze na 8 a 10 jaar vrij dominant worden. Willen we daarentegen Jack in the box (Opistognathus-aurifrons) gaan verzorgen, dan moeten we ons realiseren dat deze vissen zowel in de natuur als in onze bak maar 3 jaar oud worden. Men moet deze vissen voorzichtig en rustig over wennen omdat deze zeer stressgevoelig zijn in het begin. Zijn ze eenmaal gewend dan gaan ze een holletje bouwen, meestal in de bodem. Het holletje bevindt zich vaak voor in de bak. Daar waar de stroming langs komt, zal ook het voer langs komen en dat is voor deze vissen belangrijk omdat ze steeds in de buurt van hun holletje blijven. ’s Avonds trekken ze zich terug in hun holletje en sluiten ze de ingang af met enkele steentjes.


Hippolysmata-grabhami poetst de Zebrasoma flavescens

Volwassen Pseudochromis aldabrensis nakweek

Dwergbaarzen zoals de Pseudochromis soorten zijn behoorlijk agressief. Ze willen wel graag eens een potje vechten, wanneer we de wildvang exemplaren hebben. Gelukkig worden ook hiervan weer diversen soorten nagekweekt zoals de Pseudochromis springerii, sankeyi en aldabrensis met het voordeel dat deze vissen bij lange na niet zo agressief zijn als de wildvang. Ook kan ik u aanraden om dieren in de bak te zetten waar andere bakbewoners weer profijt van hebben zoals de poetsgarnaal (Hippolysmata-grabhami). Poetsgarnalen vervellen. Dat wil zeggen de dieren groeien en hun huid wordt te klein. Ze knakken als het ware in het middendoor. Door deze opening kruipen ze uit hun oude huid. Deze procedure duurt ongeveer 20 seconden. Wanneer u dit voor de eerste keer die oude huid ziet liggen, denkt u dat er een garnaal dood is; hij vervelt namelijk met sprieten en al. Bij de kappersgarnaal (Stenopus hispidus) gebeurt dit op dezelfde manier. Bij deze garnaal is mij opgevallen dat wanneer hij door een vechtpartijtje zijn schaar is verloren. hij enige tijd verder moet zonder. Wanneer hij dan gaat vervellen zal blijken dat hij na deze periode weer een nieuwe schaar heeft. Dus de natuur lost dit probleem vanzelf weer op wat op zich best een klein wonder genoemd mag worden.

Kappersgarnaal, Stenopus hispidus

Yellow Chromis analis met Acropora

Onderhoud:

Ook zullen wij met ons aquarium constant moeten letten op de waterkwaliteit. Er is geen beter water om een bak ermee op te starten dan echt zeewater. Want in die kleine ruimte zijn onze dieren zeer kwetsbaar. Zo is bijvoorbeeld te veel nitraat niet goed maar te weinig kan ook funest zijn. Ook zullen we er op moeten letten welke vis bij welke koralen gehouden kan worden. Bezitten we bijvoorbeeld diverse soorten Acropora’s dan zullen wij op moeten letten met verschillende soorten juffers. We weten dat deze vaak in en rond deze koralen leven. Ik persoonlijk heb met yellow Cromis analis slechte ervaringen. Waarom?? Als deze dieren geslachtsrijp zijn, gaan ze de Acropora’s poetsen waarna de eieren afgezet worden. Dit werd in mijn aquarium tot het oneindige herhaald met het gevolg dat dit koraal het niet overleefde. Voor de vissen was dit geen probleem daar ze gewoon op zoek gingen naar een andere afzetplaats met hetzelfde gevolg. Voor mij restte dan ook niets anders dan deze vissen er maar uit te vangen. Daarbij moeten wij er ook op letten dat men niet zomaar allerlei koralen bijeen kan zetten. Dit in verband met de netelcellen die deze koralen hebben. Zorg ervoor dat koralen met sterke netelcellen voldoende ruimte krijgen zodat de "buren" er geen last van ondervinden. Wanneer wij hier geen rekening mee houden zullen deze koralen niet meer mooi open gaan staan met het gevolg dat zij na enige tijd het loodje zullen leggen door de netelaanvallen die zij hebben moeten incasseren. Wanneer we elke 4 à 5 weken 1/3 water verversen, zullen de meeste koralen zich kunnen voorzien van de stoffen die ze nodig hebben. Maar aangezien dat we steeds vaker vele rifbouwende koralen in onze bak hebben, zullen we toch diverse sporenelementen extra moeten toevoegen. Dit is geen probleem want er zijn veel producten te koop. Regelmatig verversen met echt zeewater zal ook de bak ten goede komen. Er zijn in ons land verschillende goede plaatsen waar we ons zeewater kunnen halen. Dit zeewater is ook te koop in de handel. We moeten er wel rekening mee houden dat echt zeewater sneller verarmt. Ook zullen we ons water regelmatig moeten testen op bijvoorbeeld NO3 / PO4 / pH / KH etc. Helaas zijn er testsets bij, ook van bekende merken, die niet 100% betrouwbaar zijn. Maar gelukkig zijn er ook vele goede bij. Ook kunt u zo nu en dan uw water in de winkel laten testen dan heeft u een duidelijk vergelijk van uw eigen test.

Percula dendronephtya

Rode koper anemoon (Entacmaea quadricolor) met een paar Amphiprion

Voedergewoonten:

Bij het voeren raad ik aan om niet alles in een keer in uw aquarium te doen. Van de meeste aquarianen verneem ik dat zij meestal alles in een keer in de bak doen. De reden van het verdeeld voeren is het volgende: Wanneer u alle voer in een keer toevoegt, gaat een deel van het voedsel door bv. de overloop en wordt de rest opgegeten door de vissen. Niet alle koralen staan open wanneer u gaat voeren met als gevolg dat zij niet voldoende voedsel kunnen consumeren. Voer bv. maar ¼ van het geheel, wacht ongeveer 15 minuten alvorens u de rest van het voedsel erbij gooit, dan hebben de andere dieren voldoende tijd om hun tentakels uit te steken en

Mede door de waterbeweging in het aquarium zal het voedsel langs de koralen dwarrelen en kunnen zij met hun tentakels het voedsel tot zich nemen. Daarom, als we met een bak met rifbouwend steenkoraal willen beginnen, zal men er zeker rekening mee moeten houden omdat dit soort koralen zeer kwetsbaar zijn.

Tapijtanemoon (Cryptodendrum soort) met krabjes

Tapijtanemoon met Amphiprion ocellaris

Wanneer sponzen voldoende stroming hebben blijven ze ook beter schoon wat belangrijk is omdat ze slecht tegen vuil kunnen. Het zijn filterdieren en wanneer er dus door te weinig stroming zich vuil hecht op de dieren dan zullen ze dicht slippen en kwijnen ze langzaam weg. Zo zijn er ook diversen soorten die vrijwel niet houdbaar zijn. We denken dan aan de Dendronephtya soorten en aan verschillende soorten koraaltakken. Dit heeft hoofdzakelijk te maken met de voeding. Vele van deze soorten leven van levend voedsel, te weten het plankton dat ’s avonds uit de diepte naar boven komt. De dieren zetten hun poliepen helemaal open en met hun tentakels vangen ze het plankton op waarvan ze leven. Licht is voor deze dieren minder belangrijk. Nu wordt er links en rechts wel verteld dat het kweken van plankton niets voorstelt maar niets is minder waar. Op professionele basis lukt dit wel maar voor de liefhebber is dit nog niet zo eenvoudig.

Wat eerst niet kon, kan nu wel:

Jaren geleden zaten in bijna elk zeeaquarium een of meerdere anemonen met hun bewoners. Doordat de ontwikkelingen niet stil bleven staan, kon men als aquariaan steeds meer andere dieren in de bak plaatsen. Door de nieuwe systemen functioneerde alles steeds beter. De anemonen werden eruit gehaald omdat ze meestal niet op dezelfde plaats bleven zitten. Dit was weer schadelijke voor de andere dieren in de bak omdat anemonen met hun sterke netelcellen de omgeving verstoorden. Persoonlijk vind ik dit wel jammer want een symbioseanemoon met zijn bewoners is toch een lust voor het oog. Inmiddels weten we dat er anemonen zijn die meestal wel blijven zitten. Dit omdat ze minder stromingsgevoelig zijn. De rode koperanemoon is een van deze soorten. De eigenschap van deze anemoon is dat hij zich regelmatig deelt. Het best kan men deze anemoon op een grote steen plaatsen, bij deling zet het jonge exemplaar zich ook op deze steen vast. Het is wel raadzaam om rond deze grote steen enkele kleinere stenen tegenaan te leggen zodat deze dieren zich ’s avonds terug kunnen trekken in de spleet tussen deze stenen. Wanneer men te veel jonge exemplaren krijgt kan men ze voorzichtig losmaken. Met deze jonge exemplaren kan men andere hobbyisten blij maken ook kan men proberen om ze in te ruilen. We kunnen onze anemonen bevolken met bijvoorbeeld diverse soorten Amphiprion’s zoals de percula, allardi, clarkii. , melanopus, perideraion, frenatus of de ocellaris. Een andere symbiose is ook mogelijk, bijvoorbeeld bij tapijtanemonen kunnen we krabben houden, ook dit is mooi. De tapijtanemonen gaan meestal tegen de stenen op de bodem aanliggen. Er zijn nog meerdere soorten, kortom keuze genoeg.

Plerogyra siniosa

Euphyllia glabrecens stekje van ongeveer 3 maanden

Nakweek:

Gelukkig wordt er tegenwoordig volop met vis gekweekt op professionele basis. Ook zijn er liefhebbers die steeds meer pogingen ondernemen om resultaat te boeken en wel met succes. In de meeste gevallen wanneer we twee vissen van een soort kopen hebben we bijna altijd een koppeltje omdat deze soort tweeslachtig is. Dit is geen uitzondering want dat geldt voor vele dieren die in de oceaan leven. Wanneer het paartje elkaar mag, zullen zij in vele gevallen eieren af gaan zetten. Meestal gebeurt dit aan de onderzijde bij de voet van de anemoon. Het nest zal zwaar bewaakt worden door het paartje tot dat de larven uitkomen. Daarna wordt de zorg een stuk minder en is in vele gevallen zelfs helemaal verdwenen. Ook het vermeerderen van diverse soorten koralen neemt toe. Er wordt veel gestekt met Acropora’s en andere soorten. Veel koralen kunnen we zelf delen zoals de lederkoralen en de zachte koralen. Grootpoliepige koralen zoals Plerogyra en diverse Euphyllia soorten hebben zich bij mij in het aquarium vermeerderd. Deze dieren laten een stukje vallen op de manier van een soort druppel die zich vast hecht aan een stuk steen of op de bodem alwaar ze dan verder groeien. Euphyllia glabrescens bleef zich bij mij veelvuldig vermeerderen. Laat deze soorten niet te talrijk worden want deze koralen kunnen sterk netelen. Met deze stekken kunt u ook weer een medeaquariaan blij maken. En op deze manier helpen wij met ons allen mee om het koraalrif te ontzien. Als wij zo doorgaan is het zelfs mogelijk dat wanneer er een of andere ramp gebeurt op een stuk rif wij met zijn allen dan iets terug kunnen doen door de natuur iets terug te geven.

Planaria op anemoonschijf (oor)

Planaria-eter Bodianus bimaculates

Parasieten:

Het kan ook wel eens gebeuren dat we een stuk koraal in de winkel kopen waar planaria op zitten. Planaria zijn parasieten die zich zeer snel vermeerderen. Er zijn verschillende soorten planaria; sommige soorten zijn zeer schadelijk voor de koralen. Ontdekken we deze parasieten alvorens we deze koralen in ons aquarium plaatsen, dan is het verstandig om het betreffende koraal eerst te dompelen in lauw zoet water, een seconde is meestal al voldoende want de betreffende parasieten kunnen niet tegen zoet water. Ontdekken we het te laat dan is er ook een andere oplossing. Er zijn diverse producten in de handel maar deze zijn niet allemaal 100% betrouwbaar. Persoonlijke ervaring heeft mij geleerd dat de beste planariaeter de Bodianus bimaculatus is. Dit is een lipvis. U zult al snel van uw planaria plaag verlost worden omdat het voor deze vis geen probleem is, hij of zij vindt het een heerlijke lekkernij. Wanneer de planaria verdwenen zijn eet hij gewoon met de pot mee. Wel moet men er rekening mee houden dat wanneer deze vis volwassen wordt, hij ook een liefhebber is van garnalen. Dit geldt ook voor andere lipvissen. Zelf heb ik enkele malen ervaren dat wanneer een kokerworm zich een stukje blootgeeft, hij hem uit de koker trekt en opeet. Dit kan wel enige uren duren voor dat hij hem helemaal opgegeten heeft. Hij neemt de punt van de worm in zijn bek en zwemt er gewoon mee rond en op die manier zie je de worm steeds korter worden. Een ander probleem wat we in het aquarium kunnen brengen zijn naaktslakken. Deze dieren zitten meestal op zachte koralen zoals Sinularia brassica of op Cladiella soorten. In plaats van dat deze dieren groeien ziet men ze langzaam opgegeten worden door deze slakjes. U kunt ze het beste bestrijden door ’s morgens vroeg op te staan, dus wanneer er nog geen verlichting aan is; nachtverlichting is geen probleem. Rond deze tijd zitten de meeste slakjes tegen de voorruit zodat men ze met de vinger dood kan drukken. Wanneer we dit enkele ochtenden volhouden zult u ook dit probleem opgelost hebben. Hebben de vissen last van parasieten dan laten ze die verwijderen door poetsgarnalen en dat is een mooi gezicht. Zet wel meerdere exemplaren bij elkaar, 3 à 4 meer mag ook. Ook kunt u de vissen van parasieten verlossen door middel van poetsvissen.

Poetsvissen, Labroides dimidiatus

Toekomst:

Zelf ben ik er van overtuigd dat er een tijd komt dat wij zonder problemen diverse diersoorten en levend voer kunnen kweken en dan kunnen we bijna alle soorten houden. Dit is ook van belang voor het opkweken van de jonge vis. We weten immers dat de tijd van wetenschap en techniek niet stil staat. Wanneer ik naga dat de kwaliteit van de pak zeezout die we ruim 25 jaar geleden kochten , vergelijken met het huidige zeezout, verschilt dat enorm. Tegenwoordig zit er zowat alles in wat de koralen nodig hebben. Goede waterkwaliteit is bepalend voor de gezondheid van de inhoud en hoe de bak erbij staat.

Afsluiting:

Dit artikel over zeewater is mijn bijdrage voor onze aquariumvereniging: A.V. Xiphophorus Oss, die dit jaar het 60 jarig jubileum viert. Ik heb getracht over mijn hobby, een deel uit de door mij opgedane ervaringen, te vertellen. Als liefhebber realiseer ik me dat er nog veel meer te schrijven en te vertellen valt over de koralen, vissen, het kweken en vermeerderen hiervan. Vol goede moed zie ik de toekomst tegemoet. Ik ben er dan ook van overtuigd dat de mens zich steeds meer bewust wordt, hoe belangrijk de natuur is, voor ons en voor ons nageslacht.

Dit artikel is gepubliceerd in het september nummer 2006 van de N.B.A.T.